Veel belangstelling Dairy Congress in Kiev

 

Dairy Congress ua3Hierbij een kort verslag van dit internationale zuivelcongres, gehouden in maart 2015. Het congres was georganiseerd door de Association of Milk Producers in Oekraïne samen met het bureau Dykun. Het congres is door ruim 1000 professionals uit de melkveehouderij en de zuivelsector bezocht. Onderwerpen als financieel management , ontwikkeling melktechniek, voeding en diergezondheid zijn aan bod gekomen. De melkveehouders in Oekraïne hebben een moeilijk jaar 2014 achter de rug en hopen op betere tijden in 2015.

Plussen en minnen

Het congres werd geopend door Andrii Dykun, namens de Association of Milk Producers, en door Vladislava Rutytska, als vervangend minister van landbouwpolitiek en voedselvoorziening. Er werd ingegaan op de matige melkprijzen in 2014, de moeilijkheden bij de export naar Rusland en het belang van een goede melkkwaliteit voor de (EU) toekomst. Er wordt door experts gewerkt aan een stategisch plan 2015-2020 (Strategy 2020) voor betere condities voor kleine en middelgrote boeren. Niet alleen om betere melkprijzen te realiseren door betere melkafzet, maar ook betere resultaten op het bedrijf zelf door verbetering van het management. De gemiddelde melkproductie per koe in de Oekraïne is iets meer dan 5000 kg melk per jaar. De verwachtingen voor 2015 zijn matig, door tegenvallende melkprijzen en consumptie in eigen land. Wel zijn er goede exportmogelijkheden voor melkpoeder en boter, maar tegen een te lage prijs, omdat het EU kwaliteitsniveau niet wordt gehaald. Er is meer concurrentie gekomen door het wegvallen van de export naar Rusland, maar juist ook meer mogelijkheden door de export naar Kazachstan. Voorspellingen over de melkprijs zijn moeilijk, maar Oekraïne kan hoe dan ook produceren tegen een lage kostprijs. De uitdaging zit hem in het verhogen van de kwaliteit van de melk en het verbeteren van de infrastructuur. Ook moet de consument in Oekraïne zelf (weer) meer vertrouwen krijgen in de waarde van zuivelproducten en daarvoor een hogere prijs kunnen/willen betalen.

Management en techniek

Een groot gedeelte van het congres werd in beslag genomen door onderwerpen op het gebied van management en techniek. Vooral door Amerikaanse inleiders werd het accent gelegd op goed personeelsmanagement en duidelijke instructies: “you can manage, what you can measure”. Met haalbare doelen en het gebruik van KPI’s (Key Performance Indicators) op de grote melkveebedrijven is er toekomst in Oekraïne, volgens de experts uit de USA. Maak duidelijk wat de verantwoordelijkheden zijn en geef de farmmanagers de juiste tools. Dus extra gegevens bijhouden en resultaten tussentijds bespreken voor verbetering van het management op de bedrijven, is het devies. Ook de ruwvoeder winning als basis voor het goedkoopste rantsoen en de gezondheidszaken op het melkveebedrijf kwamen uitgebreid aan bod. De voeding van (hoog) productieve koeien werd behandeld en zelfs de verwerking van mest tot compost. Er was veel aandacht voor het voeren van snijmais en het voorkomen van pensverzuring door het juiste rantsoen voor verschillende productie groepen. De kostprijs van de melk kan nog verder omlaag, maar eerst moet de kwaliteit van de melk omhoog! Er werd daarom gepleit voor meer onderwijs en training op voorbeeldbedrijven of trainingscentra verspreid over Oekraïne.

Coöperaties of concerns?

Op het zuivelcongres werd ook stilgestaan bij de ontwikkeling van de melkveebedrijven in Oekraïne. Er was speciale aandacht voor de mogelijke belastinghervormingen en nieuwe vergunningen voor watergebruik. Er zijn gedachtes om de kleinere boeren te laten samenwerken in moderne coöperaties met 100 tot 1000 koeien, maar in welke vorm dan precies? Experts uit Duitsland en Israël kwamen aan het woord om de verschillende coöperatie-vormen voor melkveehouders en zuivelfabrieken uit te leggen. Maar de vraag is meer hoe kunnen de voor- en nadelen van coöperatievorming uitgelegd worden aan de melkveehouders in Oekraïne met hun communistische verleden. Buitenlandse investeerders zijn meer geïnteresseerd in lopende agroconcerns, dan in nieuwe coöperatieve verenigingen met kleinere boeren. En grotere, particuliere bedrijven zijn meer in trek bij buitenlandse banken voor het verstrekken van kredieten. Buitenlandse investeerders houden hun zorgen over de corruptie in het land en de conflicten in het oosten van Oekraïne. Sommige banken zijn best wel geïnteresseerd in financiering van melkveebedrijven met 100 tot 1000 koeien, mits ze ook 500 tot 1500 ha land in gebruik hebben. Maatregelen van de overheid op het gebied van wetgeving, belastingen en vergunningen zullen nodig zijn om überhaupt tot coöperatievorming te kunnen komen in de nabije toekomst. Nederland kan daarbij als voorbeeld dienen met zijn sterke zuivelsector op basis van moderne coöperaties , hoge (EU) kwaliteitsstandaard en duidelijke merkpositionering.

Met dank aan Dykun en AMP in Oekraïne.